
Verveling op de basisschool
Is 10-14-onderwijs een oplossing?
Sommige leerlingen zijn helemaal uitgekeken op school en klagen over de vele herhalingen. Ze vervelen zich, waardoor de motivatie voor school gedurende het schooljaar afneemt. Bij hoogbegaafde kinderen geldt dit nog sterker. Het 10-14-onderwijs is een mogelijkheid om de basisschool eerder af te ronden. Maar is dit ook een plek voor hoogebegaafden?
Hoofbegaafde leerlingen kunnen zo verveeld raken dat hun motivatie voor school verdwijnt. Zelfs een plusklasvoorziening is dan niet meer voldoende, hoewel de motivatie dan in iets mindere mate daalt. [1] Op dat moment gaan ouders vaak op zoek naar een manier om de basisschool eerder af te ronden. Ze kunnen dan terechtkomen bij een van de vele overbruggingsvoorzieningen. Een voorbeeld daarvan is 10-14-onderwijs, zoals op Academie Tien in Utrecht, HIP 10-14 in Bilthoven, Onderwijsroute 10-14 in Zwolle en Fourteens in Beverwijk. [2]
Kansengelijkheid
Is 10-14-onderwijs een plek voor hoogbegaafden? We legden deze vraag voor aan Frank Evers, netwerkbeheerder van Lerend Netwerk 10-14-onderwijs (zie kader). Hij legt uit dat de initiatiefnemers hiervan vooral mikten op het bevorderen van kansengelijkheid voor leerlingen in Nederland. Het uitstel van het keuzemoment vergroot de kans dat kinderen die ‘anders leren’ op passend vervolgonderwijs terechtkomen. Evers benadrukt dat het geen vorm van speciaal onderwijs is en ook niet specifiek bedoeld is voor hoogbegaafden. In het concept zijn coaching en persoonlijke aandacht voor leerlingen opgenomen, naast vakoverstijgende lessen en les in gemengde groepen. Afhankelijk van de regio waar een 10-14-voorziening zit, kan deze zich richten op bepaalde behoeften, zoals kinderen die snel of juist langzamer leren.
Mismatch
Talent ging ook langs bij een aantal hoogbegaafden in de leeftijd van 10 tot 15 jaar en vroeg naar hun ervaringen met 10-14-onderwijs. Uit respect voor de inspanningen die deze redelijk nieuwe leerplekken nog vragen, worden de locaties niet genoemd. Ook de namen van de leerlingen zijn gefingeerd.
Allereerst spraken we met Nasmiye. Op haar zesde werd, na een eerste schoolwisseling, een IQ van 145+ geconstateerd. Naast de basisschool bezocht ze een bovenschoolse plusklas, maar toen dit ook niet passend was, ging ze naar voltijd HB-onderwijs. ‘Daar was het wel fijn, maar toen ik in groep 7 zat, was ik door alle stof heen’, herinnert Nasmiye zich. Samen met een schoolvriendin koos ze toen voor 10-14-onderwijs. In hun eerste jaar daar stopte haar vriendin ermee, waardoor Nasmiye zich heel alleen voelde op school. Ze vertelt: ‘Het was ook heel anders dan ik had verwacht. Omdat ik van een HB-school kwam, zat ik me toch weer heel vaak te vervelen. Het was ook niet speciaal voor hoogbegaafden, terwijl ze bij de kennismaking hadden gezegd dat het vast wel goed kwam. Nou, niet dus...’
Juist omdat deze 10-14-groep ‘algemeen’ was, waren er ook klasgenoten die Nasmiye niet begrepen. Ze werd uiteindelijk zo gepest dat ze niet langer naar school kon gaan. Hier wordt nu nog een oplossing voor gezocht.
Kangoeroewedstrijd
Voor Tom, een stille jongen met een IQ van 148, werd gezocht naar een betere plek dan de basisschool waarop hij zat. ‘Ik zat me heel vaak te vervelen’, vertelt hij. ‘Ze konden me niet helpen omdat ze me nooit snapten.’ Toen hij (na een eerdere versnelling) toe was aan groep 7, ging hij naar een combinatiegroep 7/8 die in het samenwerkingsverband onder een 10-14-programma viel. Omdat hij al jaren tegen grote frustraties aanliep, duurde het een heel jaar voordat hij een beetje zijn plek had gevonden. ‘Het was niet zo leuk en ik was best vaak boos. Zij snapten mij óók niet, en dan moest ik weer de klas uit. Ik werd daar droevig van. Maar het jaar daarna ging het beter, toen zat ik in groep 8 en heb ik bijvoorbeeld gewonnen met de Kangoeroewedstrijd.’ Tom mocht op de Universiteit Utrecht meedoen aan de landelijke finale, vertelt zijn vader. Hij zat helemaal in een flow. ‘Nee, ik heb toen niet gewonnen’, sluit Tom af met een dromerige blik in zijn ogen. Hij zit nu in de vwo-brugklas.
![]ipj](/media/12/_resized/afgezonderd_meisje_w880.jpg)
Bij de brandweer
Sem vertelt dat het eerste jaar in de 10-14-groep echt goed voor hem was. Er waren dingen die hij nog niet wist of kon en daar was veel aandacht voor. ‘Maar het jaar daarna ging het vrij snel mis. Ze keken helemaal niet meer naar wat ik nodig had of wat ik al kon. Ze draaiden een algemeen programma af en hielden bijvoorbeeld geen rekening met mijn dyslexie, terwijl ze bij de kennismaking hadden gezegd dat ze daar devices voor zouden inzetten. Niks van gezien! Ook was het saai en veel schoolser dan ik had verwacht.’
Sem heeft behalve dyslexie een sterk disharmonisch profiel met uitschieters boven de 130 IQ-punten. Zijn moeder vertelt dat hij altijd al zeer wisselende prestaties laat zien. Dit was te ingewikkeld voor de drie basisscholen waarop hij zat, waardoor hij vaak niet naar school ging. De 10-14-groep leek een mooie oplossing. Maar na het tweede jaar zeiden ze dat Sem niet bij de aangesloten vo-school kon instromen en dat hij naar het vmbo in de buurt moest. Nu, in het tweede jaar basis, zegt Sem zelf: ‘Ik verveel me. Maar ik ga wel door, want ik moet dit diploma halen, anders kan ik niet bij de brandweer.’ En de brandweer is zijn lust en zijn leven. Hij is al sinds zijn negende vrijwilliger bij de jeugdbrandweer en dat, zegt zijn moeder, is zijn redding. Want dat geeft meer zekerheid dan school.
Eerder naar het gym
De Parnassosklas die het Stedelijk Gymnasium Johan van Oldenbarnevelt (JvO) in Amersfoort biedt, is strikt genomen een 10-12-voorziening en kent een strenge selectie. De moeder van Tygo legt uit dat je jonger dan tien jaar moet zijn bij instroom (dus minstens één keer versneld) en uit een uitgebreid rapport van de basisschool moet blijken dat je daar niets meer kunt leren. Als de basisschool zijn leerlingen niet wil zien uitstromen, ben je daarvan dus mede afhankelijk. Tygo’s IQ van 150+ was dus zeker geen garantie voor toelating tot deze tweejarige brugklas en hij werd ook niet toegelaten. Al met al vond Tygo’s moeder dit heel teleurstellend, omdat Tygo zich zo verveelt op school en meer kan – en wil. Hij moet nu nog een jaar volhouden.
De moeder van Lucas was heel blij toen haar zoon naar de Parnassosklas mocht. Na de spelmiddag en het intakegesprek verheugde hij zich met name op het samen zijn met soortgelijke kinderen. Hij heeft daar een fijne tijd gehad waarin hij ook op persoonlijk vlak is gegroeid, vertelt zijn moeder. Lucas zit nu in de tweede klas van het gymnasium.
Lerend netwerk
Ongeveer de helft van de scholen die 10-14-onderwijs bieden maakt deel uit van een landelijk ‘lerend netwerk’. Route 10-14 in Zwolle was het eerste initiatief en komend schooljaar start Ten4 in IJmuiden als dertiende. Volgens de website leren de scholen van en met elkaar door samenwerking en kennisdeling. Ze inspireren elkaar en andere collega’s in het onderwijsveld, ondersteunen en adviseren elkaar en houden themabijeenkomsten en conferenties. Zie voor meer informatie: www.1014onderwijs.nl
Voorkom teleurstellingen
Op de basisschool zitten leerlingen meestal in gemengde groepen en als hoogbegaafden zich daar vervelen, wordt dat in het concept van een 10-14-groep niet altijd beter. Tenzij er nadrukkelijk aandacht voor en kennis van de behoeften van hoogbegaafden aanwezig is, lijkt dit niet de aangewezen plek voor hen. Het is erg belangrijk dat basisschoolleerkrachten en IB’ers dit goed overbrengen aan ouders die overwegen om hun hoogbegaafde kind naar een 10-14-groep te laten gaan. Goede voorlichting kan teleurstellingen voorkomen.
Andere vormen van tussenjaren
Naast 10-14-onderwijs kan er ook een voorbereidend jaar voor het gymnasium zijn (Stedelijk Gymnasium Johan van Oldenbarnevelt in Amersfoort). Of het zogenaamde brugjaar, zoals het Brugjaar Jan Ligthart in Utrecht en Arnhem waarover Annemieke van Manen schrijft in de ‘Good Practice’ op pagina 30-33. Sinds kort bestaat in verschillende steden ook het Intermezzojaar, onder andere in Hilversum, Emmen en Sint-Michielsgestel. Dit onderwijs richt zich op leerlingen die naar verwachting doorstromen naar het vwo. [3] Het Stedelijk Gymnasium Nijmegen startte hier tien jaar geleden mee. [4]
Referenties
1. De Graaf, D., Schils, T., Bussink, H., Houkema, D. Een plusklas voorkomt onderpresteren in het voorgezet onderwijs. ESB 2021, 106 (4795), 148-149.
3. Van der Molen, R. Brugjaar biedt veilige opstap naar de middelbare. Onderwijsblad 2026, 28, 49-55.
4. Zie kbanijmegen.nl/wp-content/uploads/2024/04/Monitor-Intermezzo-en-MC-Kwadraat- derde-meting-04102022.pdf geraadpleegd op 10-02-2026.