
Wat werkt wel en wat niet?
Samenwerking tussen leraren, schoolleiders en ouders
Jessica Vergeer is universitair docent aan de Universiteit Leiden, waar zij onderzoek en onderwijs rond kinderen met diverse onderwijsbehoeften combineert. Haar promotieonderzoek voerde zij uit aan het Behavioural Science Institute van de Radboud Universiteit, binnen het IMpact of Activities in Gifted Education (IMAGE)-project. Haar proefschrift richt zich op de betrokkenheid van en communicatie tussen leraren, schoolleiders en ouders in het onderwijs aan kinderen met kenmerken van begaafdheid. Jessica verdedigt haar proefschrift op 21 januari 2026 aan de Radboud Universiteit.
Leraren, schoolleiders en ouders spelen een essentiële rol in de ontwikkeling van begaafde leerlingen. Maar de samenwerking tussen hen is niet altijd vanzelfsprekend. En als die samenwerking er is, is het bijvoorbeeld niet altijd duidelijk hoe de communicatie dan verloopt. Jessica Vergeer onderzocht daarom in haar proefschrift de betrokkenheid van en communicatie tussen leraren, schoolleiders en ouders.
De betrokkenheid van leraren, schoolleiders en ouders wordt gezien als fundamentele voorwaarde voor effectief leren. [1] Toch blijkt dat de samenwerking tussen deze drie betrokken groepen (‘actoren’) niet altijd vanzelfsprekend is. Hoewel hun gezamenlijke inzet bepalend kan zijn voor het succes van onderwijsinterventies voor begaafde leerlingen, is er nog weinig bekend over hoe deze samenwerking in de praktijk verloopt. Dat is opvallend, omdat deze actoren elk vanuit hun eigen positie impact hebben op het leerproces van een leerling: leraren in de klas, schoolleiders op beleidsniveau en ouders in de thuissituatie.

Zo zijn leraren verantwoordelijk voor het bieden van een passende leeromgeving en differentiatie. [2] Schoolleiders creëren de randvoorwaarden: zij faciliteren beleid, professionalisering en schoolbrede processen. [3-4] Ouders ondersteunen het leerproces thuis, en hun betrokkenheid is cruciaal voor de ontwikkeling van het potentieel van hun kind. [5-7] De inzet van deze actoren vult elkaar aan en vraagt daarom om samenwerking. Wanneer zij elkaar weten te vinden, kan een stimulerende leeromgeving ontstaan waarin begaafde leerlingen zich kunnen ontwikkelen. Maar zonder goede afstemming tussen school en thuis kunnen leerlingen, ondanks hun potentieel, juist vastlopen.
Noodzakelijke samenwerking

Een systemisch perspectief op talentontwikkeling benadrukt dat niet alleen de cognitieve en niet-cognitieve kenmerken van een leerling van belang zijn, maar ook de omgevingsfactoren. [8] De samenwerking tussen leraren, schoolleiders en ouders is daarmee niet alleen wenselijk, maar noodzakelijk om leerlingen écht verder te helpen.
Om beter te begrijpen hoe deze actoren betrokken zijn bij het onderwijs voor begaafde leerlingen en hoe zij met elkaar communiceren, is er een grootschalig onderzoek binnen het project IMpact of Activities in Gifted Education (IMAGE) uitgevoerd. Het doel was inzicht krijgen in wat deze betrokkenheid en communicatie bevordert en belemmert, om zo handvatten te bieden die de onderwijsomgeving voor begaafde leerlingen optimaliseren.
Dit artikel licht de ervaringen van leraren en schoolleiders toe, maar onderzoekt ook het perspectief van ouders. De resultaten van dat deel van het onderzoek worden op een later moment gepubliceerd. In totaal vulden 302 leraren en 136 schoolleiders in het primair en voortgezet onderwijs een vragenlijst in. Zij waren allemaal betrokken bij onderwijsinterventies voor begaafde leerlingen. Daarnaast deden 20 leraren en 18 schoolleiders mee aan een interview.
Betrokkenheid en contact
De vragenlijst bracht in kaart hoe leraren en schoolleiders de betrokkenheid van andere leraren, andere schoolleiders en ouders ervaarden en hoe vaak zij contact met elkaar hadden. Leraren ervaarden de meeste betrokkenheid van hun collega-leraren, gevolgd door ouders en vervolgens schoolleiders. Hoe meer betrokkenheid zij ervaarden, hoe tevredener ze waren. Schoolleiders ervaarden de meeste betrokkenheid van leraren, gevolgd door ouders en andere schoolleiders. Ook hier gold: meer betrokkenheid ging gepaard met grotere tevredenheid.
Wat betreft contact communiceerden leraren het meest met collega-leraren over onder andere kennisdeling, leerlingondersteuning en onderwijsgerelateerde problemen, gevolgd door communicatie met ouders. Schoolleiders hadden het vaakst contact met leraren, in vergelijking met andere schoolleiders en ouders. Voor zowel leraren als schoolleiders gold dat meer contact samenhing met een hogere tevredenheid over dit contact.
(Minder) prettige ervaringen
De interviews gaven inzicht in wat werkt in betrokkenheid en communicatie. Leraren en schoolleiders benoemden ervaringen die zij prettig of juist minder prettig vonden. Zie tabel 1 en 2 voor een overzicht hiervan.
_w880.jpg)
|
|
Betrokkenheid van leraren |
|
|
|
Faciliterend |
Belemmerend |
|
Leraren |
Bereidheid |
Gebrek aan kennis(deling) |
|
|
Kennis(deling) |
Gebrek aan bereidheid |
|
|
Leerling-gerelateerd |
Tijd-werkdruk |
|
Schoolleiders |
Bereidheid |
Gebrek aan kennis(deling) |
|
|
Leerling-gerelateerd |
Gebrek aan bereidheid |
|
|
Kennis(deling) |
Leerling-gerelateerd |
|
|
Betrokkenheid van schoolleiders |
|
|
|
Faciliterend |
Belemmerend |
|
Leraren |
Faciliterend |
(Gebrek aan) beleid |
|
|
Bereidheid |
Gebrek aan facilitering |
|
|
Beleid |
Gebrek aan bereidheid |
|
Schoolleiders |
Samenwerken |
Gebrek aan samenwerken |
|
|
Beleid |
(Gebrek aan) beleid |
|
|
Bereidheid |
Gebrek aan bereidheid |
|
|
Betrokkenheid van ouders |
|
|
|
Faciliterend |
Belemmerend |
|
Leraren |
Toegankelijkheid |
Gebrek aan op de hoogte houden |
|
|
Bereidheid |
Overmatig betrokken |
|
|
Leerling-gerelateerd |
Gebrek aan vertrouwen |
|
Schoolleiders |
Toegankelijkheid |
Gebrek aan kennis(deling) |
|
|
Bereidheid |
Gebrek aan bereidheid |
|
|
Open communicatie |
Gebrek aan een zelfde lijn |
Tabel 1. Faciliterende en belemmerende factoren in de betrokkenheid van leraren, schoolleiders en ouders.
|
|
Communicatie met leraren |
|
|
|
Faciliterend |
Belemmerend |
|
Leraren |
Bereidheid |
Gebrek aan kennis(deling) |
|
|
Open communicatie |
Tijd-werkdruk |
|
|
Toegankelijkheid |
Gebrek aan bereidheid |
|
Schoolleiders |
Bereidheid |
Tijd-werkdruk |
|
|
Open communicatie |
Gebrek aan kennis(deling) |
|
|
Toegankelijkheid |
Gebrek aan bereidheid |
|
|
Communicatie met schoolleiders |
|
|
|
Faciliterend |
Belemmerend |
|
Leraren |
Bereidheid |
(Gebrek aan) beleid |
|
|
Toegankelijkheid |
Gebrek aan open communicatie |
|
|
Faciliterend |
Tijd-werkdruk |
|
Schoolleiders |
Bereidheid |
Gebrek aan bereidheid |
|
|
Toegankelijkheid |
Tijd-werkdruk |
|
|
Open communicatie |
(Gebrek aan) beleid |
|
|
Communicatie met ouders |
|
|
|
Faciliterend |
Belemmerend |
|
Leraren |
Open communicatie |
Emoties |
|
|
Toegankelijkheid |
Verschil inzicht leerling |
|
|
Bereidheid |
Verschil inzicht school |
|
Schoolleiders |
Open communicatie |
Gebrek aan open communicatie |
|
|
Toegankelijkheid |
Gebrek aan bereidheid |
|
|
Vertrouwen |
Gebrek aan vertrouwen |
Tabel 2. Faciliterende en belemmerende factoren in de communicatie met leraren, schoolleiders en ouders.
Leraren
Leraren noemden de bereidheid om mee te denken, kennis(deling) en leerling-gerelateerde betrokkenheid het vaakst als versterkend voor hun betrokkenheid. Een leraar verwoordde de leerling-gerelateerde betrokkenheid als: ‘Er zijn toch wel een paar collega’s die het wél heel belangrijk vinden om naar het hele kind te kijken en niet alleen maar naar de rapportcijfers. En ook om achter het gedrag te kijken. Wat heeft deze leerling nodig?’
Belemmeringen lagen vooral in een gebrek aan bereidheid en een gebrek aan kennis(deling). Ook in de communicatie speelden deze thema’s een rol. Bereidheid, open communicatie en toegankelijkheid ervaarden leraren als helpend, terwijl een gebrek aan bereidheid en kennis(deling), en de ervaren tijd- en werkdruk de communicatie konden belemmeren.
Schoolleiders
Schoolleiders noemden het beleid dat zij opstellen en hanteren, en hun bereidheid het vaakst als versterkend voor hun betrokkenheid. Een schoolleider zei hierover: ‘Tijd is altijd een probleem, maar als je ergens mee zit, dan zoek je die tijd wel om iets op te lossen. Ik merk dat collega’s altijd bereid zijn om klaar te staan voor een ander om te helpen of tips te geven. Andersom, als iemand mij wat vraagt, doe ik dat ook.’
Belemmerend waren een gebrek aan, of een niet passend, beleid en een gebrek aan bereidheid. In de communicatie kwamen opnieuw bereidheid en de toegankelijkheid van schoolleiders naar voren als faciliterende thema’s. Een gebrek aan, of een niet passend, beleid werd het vaakst als storend ervaren.
Ouders
Bij ouders ervaarden leraren en schoolleiders toegankelijkheid en bereidheid als helpend in hun betrokkenheid. Belemmeringen lagen onder andere in het gebrek aan vertrouwen en het gebrek aan afstemming tussen school en thuis. In de communicatie waardeerden leraren en schoolleiders de open communicatie en toegankelijkheid van ouders. Tegelijkertijd noemden zij emoties, een gebrek aan vertrouwen of verschillen in verwachtingen, bijvoorbeeld over wat de school kan bieden, als belemmerend. Een leraar verwoordde dit laatste als: ‘Ouders willen soms echt graag meer ondersteuning of lesstof, dus andere dingen dan we op school kunnen of willen bieden in zo’n situatie.’
Opvallend is de overlap in thema’s die betrokkenheid en communicatie zowel faciliteren als belemmeren. Bereidheid en toegankelijkheid kwamen bijvoorbeeld consequent naar voren als sleutelvoorwaarden. Ondanks deze overlap zijn betrokkenheid en communicatie niet hetzelfde. Soms is er betrokkenheid zonder echte interactie, bijvoorbeeld een uitnodiging voor een vergadering zonder dat er input gegeven kan worden. Effectieve samenwerking vraagt dus om zowel structurele betrokkenheid als kwalitatief goede communicatie.
Betekenis betrokkenheid en communicatie
Betrokkenheid betekent dat leraren, schoolleiders en ouders actief meedenken en meedoen in de ontwikkeling van (het onderwijs aan) begaafde leerlingen. Het gaat niet om iets dat iemand ‘heeft’ of niet, maar om hoe mensen met elkaar samenwerken. Een goede samenwerking tussen school en thuis, zonder verplichtingen, is daarbij het belangrijkst. Hierbij staat belang van de leerling altijd voorop.
Communicatie is het gesprek en de samenwerking tussen in dit geval leraren, schoolleiders en ouders. Goed met elkaar in contact blijven en open praten, kan misverstanden voorkomen. Daarnaast kunnen school en thuis elkaar daardoor beter ondersteunen in onderwijs aan begaafde leerlingen.
Partnerschap en gedeelde verantwoordelijkheid
Uit dit onderzoek bleek dat de mate van betrokkenheid en communicatie tussen leraren, schoolleiders en ouders in relatie staan tot hun tevredenheid. Kleine veranderingen, zoals tijd vrijmaken voor een informele check-in of actief input vragen van ouders, kunnen een kettingreactie van samenwerking op gang brengen. Gerichte acties helpen om de samenwerking rondom begaafde leerlingen structureel te verbeteren.
Bij leraren gaat het erom dat ze hun inzet, bereidheid, en kennis(deling) behouden en bevorderen. Schoolleiders kunnen hun toegankelijkheid en zichtbaarheid vergroten door onder andere regelmatige (digitale) contactmomenten met leraren en ouders, en door kennisdeling actief te faciliteren via bijvoorbeeld intervisie, uitwisselingsmomenten en professionaliseringsactiviteiten. Bij ouders is het belangrijk om vertrouwen en openheid te stimuleren, en om verwachtingen over de school en het onderwijs van hun kind af te stemmen. Structurele momenten voor overleg en communicatie kunnen helpen verschillen in inzicht te overbruggen.
Een effectieve ondersteuning van begaafde leerlingen vereist dus een samenwerking die zowel relationele kwaliteit (communicatie) als structurele inclusie (betrokkenheid) omvat. Wanneer deze factoren zijn afgestemd en structureel zijn geborgd, ervaren alle actoren een prettig gevoel van partnerschap en gedeelde verantwoordelijkheid. Dit kan uiteindelijk bijdragen aan het optimaliseren van het onderwijsklimaat en de onderwijsomgeving van begaafde leerlingen. [9-10]
[1] Mascareño Lara, M., Kupers, E., De Ruiter, N., & Wolthuis, F. (2023). ‘“Iedereen aan het werk!” Betrokkenheid in de klas als collectief proces’. GION, Gronings Instituut voor Onderzoek van Onderwijs, Opvoeding en Ontwikkeling, Rijksuniversiteit Groningen. research.rug.nl/en/publications/iedereen-aan-het-werk-betrokkenheid-in-de-klas-als-collectief-pro
[2] Steenberghs, N., Lavrijsen, J. & Verschueren, K. (2023). ‘Teacher-student relationships and engagement of high-ability students: An exploration from the perspective of the academic risk hypothesis’. High Ability Studies, 34(2), 249-273. https://doi.org/10.1080/13598139.2023.2189573
[3] Neeleman, A. (2019). ‘The scope of school autonomy in practice: An empirically based classification of school interventions’. Journal of Educational Change, 20(1), 31-55. https://doi.org/10.1007/s10833-018-9332-5
[4] Subotnik, R. F., Olszewski-Kubilius, P. & Worrell, F. C. (2021). ‘The talent development megamodel: A domain-specific conceptual framework based on the psychology of high performance’. In R. J. Sternberg & D. Ambrose (Eds.), Conceptions of giftedness and talent (pp. 425–442). Springer Nature. https://doi.org/10.1007/978-3-030-56869-6_24
[5] Garn, A. C., Matthews, M. S. & Jolly, J. L. (2012). ‘Parents’ role in the academic motivation of students with gifts and talents’. Psychology in the Schools, 49(7), 656-667. https://doi.org/10.1002/pits.21626
[6] Renati, R., Bonfiglio, N. S., Dilda, M., Mascia, M. L., & Penna, M. P. (2023). ‘Gifted children through the eyes of their parents: talents, social-emotional challenges, and educational strategies from preschool through middle school’. Children, 10(1), 42. https://doi.org/10.3390/children10010042
[7] Ritchotte, J. A., & Zaghlawan, H. Y. (2019). ‘Coaching parents to use higher level questioning with their twice-exceptional children’. Gifted Child Quarterly, 63, 86-101. https://doi.org/10.1177/0016986218817042
[8] Ziegler, A. (2005). ‘The actiotope model of giftedness’. In R. J. Sternberg & J. E. Davidson (Eds.), Conceptions of giftedness (pp. 411-436). Cambridge University Press. https://doi.org/10.1017/CBO9780511610455.024
[9] Vergeer, J., van Weerdenburg, M., Schils, T. & Bakx, A. (2025). ‘Teachers in gifted education: Their perception of involvement of and interacting with parents, school leaders, and other teachers’. Gifted Child Quarterly, 0(0). https://doi.org/10.1177/00169862251351940
[10] Vergeer, J., van Weerdenburg, M., Schils, T. & Bakx, A. (2025). ‘School leaders in gifted education: Their perceptions of involvement of and interacting with parents, teachers, and other school leaders’. Education Sciences, 15(3), 281. https://doi.org/10.3390/educsci15030281